Gold Rush, de factual entertainment show van Discovery Channel gaat dit jaar het zesde seizoen in. En ik ben verslaafd.

Gold Rush vertelt het verhaal van een aantal goudzoekers in het onherbergzame Klondike Alaska. Seizoen 6 gaat over Parker Schnabbel een twintigjarig jochie uit een gouddelvers familie die nu al 3 seizoenen lang het meeste goud binnensleept. De tweede mijn wordt gerund door de Hoffmans. Een grote familie van gelukzoekers die het vak van goudmijnen in de loop van deze serie heeft moeten leren, maar inmiddels goed door de wol geverfd is. Ze vertrouwen op God en een heleboel zware machines om fortuin te vergaren. Als laatste is er een hoofdrol weggelegd voor Tony Beets. Een halve Groninger, die met zijn vrouw Mien een goudmijn imperium heeft opgebouwd. De laatste twee seizoenen heeft Tony een oude gold dredge verplaats, opgeknapt en operationeel gekregen. De enige in de Klondike en misschien wel de wereld. Tot zover de premisse.

Wat de serie zo verslavend maakt voor mij zijn niet zozeer het soms overduidelijk gedramatiseerde conflict tussen de drie hoofdrolspelers en de crewleden, of de op z’n echt Amerikaanse stijl dik aangezette gevaarlijke momenten, als er weer eens een graafmachine omvalt of een bulldozer vast zit in de modder. Nee, wat me fascineerde aan deze serie is het werk. De vele machines die nodig zijn om de grond te verzetten, te vervoeren, te filteren en te wassen en tenslotte weer te dumpen. En dat alles op grote schaal en in de harde maar prachtige natuur van Alaska. Bij een andere factual entertainment show die ik keek Deadliest Catch, over krabvissers in de Noordelijke IJszee had ik die fascinatie niet. Dat begon te vervelen na een seizoen. Op geen enkel moment identificeerde ik me met de vissers. Integendeel, elke aflevering begon op elkaar te lijken, en de herhaling van zetten, die het krabvissen uiteindelijk is, kon me niet seizoenen lang boeien. Gold Rush doet dat wel; elk jaar ben ik benieuwd welke technieken en mogelijkheden er nu weer zijn voor het uit de grond halen van goud.

Na een aantal seizoenen zie ik ook dingen fout gaan. Als de Hoffmans een nieuwe washplant kopen die meer grond kan verwerken, zag ik al van mijlen ver aankomen dat de huidige pomp niet het volume kon leveren, en dat de stacker onmogelijk 300 cubic feet aan tailings kon verwerken. De Hoffmans, voor het dramatische effect of voor het eggie, helaas niet. Ik voel me na een aantal seizoenen al een echte golddigger.Ik heb maar een wens, en dat is dat ik een dagje op een graafmachine kan zitten. Lijkt me veel spannender dan een kantoorbaan of op een ijskoude vissersboot.  Een ding weet ik zeker; als ik ooit de kans krijg vertrek ik met mijn opgedane kennis naar Alaska en lease ik een stuk goudrijke grond. Maar niet van Tony Beets, want dat is echt een uitzuiger eerste klas. Gold Rush; factual entertainment op z’n best.

 

zxx